Er geen gat meer in zien…

Bot met sporen van kralenproductie

Tijdens de aanleg van de proefsleuf voor archeologisch onderzoek naar klooster Yesse zijn meerdere botfragmenten, aardewerkscherven, leisteen en natuursteen aangetroffen: kortom objecten die te verwachten zijn bij een opgraving. Vaak worden deze haastig in een mandje of vondstzak gestopt, zonder echt goed te kijken wat er nou is aangetroffen. De vondsten worden vervolgens gewassen door de eerstejaars studenten archeologie, waarbij soms bijzonderheden opvallen die tijdens de vondstdag gemist zijn.

Bot met bewerkingssporen

Dit fragment van een pijpbeen van een dier, toont een ronde ingesleten groef, en een rond gaatje in het midden. Het is waarschijnlijk een afvalstuk van een kralenmaker. Te denken valt aan de productie van kralen voor rozenkransen (of paternosters; ‘onze vaders’). In het beroemde 15e eeuwse beroepenboek (de zogenaamde Nürnberger Hausbücher) staat bijvoorbeeld Leopold de paternostermaker (1425)  afgebeeld:

De paternostermaker. (DieHausbücher der Nürnberger Zwölfbrüder-stiftungen, Amb. 317.2°, f.13r)
De paternostermaker. (Die Hausbücher der Nürnberger Zwölfbrüder-stiftungen, Amb. 317.2°, f.13r)

Goed te zien is hoe deze met een gevorkte boor kralen uit been en hout weet te maken. Het exemplaar te Yesse is gemaakt met een boor met een centrale spil en excentische vleugels. De laatsten draaiden dus om de centrale doorboring heen en sneden zo de ruwe vorm van de kraal uit.

Bot met sporen van kralenproductie
Bot met sporen van kralenproductie

Te Yesse is het vermoedelijk ergens mis gegaan. In plaats van een mooie kraal op te leveren, spleet het bot nog voor de kraal loskwam. De kralenmaker zag er geen gat meer in en heeft het fragment – ongetwijfeld gefrustreerd – bij het afval gegooid, om weer door ons gevonden te worden!