Over glissen, glijden en glad ijs…

Drawing from Oxford, Bodleian Library, MS Douce 5.
Benen gebruiksvoorwerp uit Yesse

In een werkput nabij de kerk van Yesse, werd een bijzonder fragment bot aangetroffen. Het betreft het middenvoets been van een rund, dat dus net voor de tenen en de hoeven zit

Middenvoetsbeen van een rund
Middenvoetsbeen van een rund, hier weergegeven in rood

Ons bot lijkt echter aangepast… sommige delen lijken te zijn weggezaagd, en er is een gat in geboord. Het betreft hier namelijk een ‘ glis‘ , of benen schaats. De term is afgeleid van het werkwoord ‘glijden’. Het waren dus een soort benen onderbindertjes, waarmee over het ijs werd gegleden.

Deze techniek is al oeroud, en uit de terp van Ezinge is een glis uit de 2e eeuw na Christus bekend. Hier staat een leuk overzicht met diverse middeleeuwse voorbeelden. Ze werden vaak gemaakt van bewerkte en vlak geslepen runder- of paardenbotten, die met leren riempje of touwen onder de voet werden gebonden. Een probleem is echter dat met glissen je jezelf niet goed kan afzetten, daarom maakte men vaak gebruik van een ‘prikstok’ om jezelf voort te duwen.

Benen schaatsen: onderbinden en gebruik
Benen schaatsen: onderbinden en gebruik (bron)

Benen schaatsen of glissen waren tot de 16e eeuw populair, waarna ijzeren schaatsen gebruikelijk werden.  Zo beschreef een soldaat in Spaanse dienst tijdens de 80 jarige oorlog het volgende;

Ze kennen een manier van voortgaan over bevroren meren en kanalen, namelijk klompen, in de vorm van pantoffels, die ze aan hun voeten binden met een leren riem langs de enkels en over de hiel. Deze klomp rust op een stalen band, van niet meer dan een halve duim breed, die aan de voorkant omhoog krult. Met dit schoeisel glijden ze over het ijs, hun voeten gelijkmatig uitslaand, en ze zijn zo zeker daarin, dat de boerinnen daarbij manden met eieren en andere voorwerpen op hun hoofd dragen. Ze zijn zo snel dat ze volgens sommigen vliegen, en een man kan zonder al te veel moeite gedurende een of twee uur een slee achter zich aanslepen, waarop zijn vrouw en kind zich bevinden, met 150 pond boter en evenveel kaas.”  (bron)

Onze schaatsen zouden dus nog in de kloosterperiode kunnen vallen…hadden de Yesser nonnen schaatspret op het ijs van de kloostergracht?  Klinkt leuk, maar daarmee begeven we ons wel op glad ijs…

Schaatspret te Yesse, ca. 1550 AD?